Hierin is de liefde, niet dat wij God liefgehad hebben, maar dat Hij ons heeft liefgehad en Zijn Zoon zond als verzoening voor onze zonden (1 Johannes 4:10).
Gods liefde bestaat daarin, dat Hij Zijn Zoon zond als verzoening voor onze zonden. Halleluja.
Wat betekent dat?
Dit:
Dat Hij, Christus, toen wij nog krachteloos waren, op de bestemde tijd voor goddelozen is gestorven (Romeinen 5:6).
Voor goddelozen:
Want ook Christus heeft eenmaal voor de zonden geleden (voor die van ons), Hij, Die rechtvaardig was, voor onrechtvaardigen (..) (1 Petr. 3:18).
Daarin bestond en bestaat Zijn liefde. Hij was en is rechtvaardig en Hij stierf voor goddelozen, voor onrechtvaardigen, Hij, de Schepper van hemel en aarde, Die ons geschapen had uit liefde voor Zichzelf en uit liefde voor ons, stierf voor Zijn schepsel, dat Hem had verlaten. De Rechtvaardige stierf voor onrechtvaardigen ….
(..) opdat Hij ons tot God zou brengen (1 Petrus 3:18). Nogmaals halleluja.
En hierin is liefde. Dit is liefde. Dit is Zijn liefde. Dit is de ultieme liefde, liefde die Zichzelf niet zoekt, want bij hoge uitzondering zal iemand voor een rechtvaardige sterven; hoogstens immers heeft iemand de moed om voor de goede mens te sterven, maar God bevestigt Zijn liefde voor ons daarin dat Christus voor ons gestorven is toen wij nog zondaars waren (Romeinen 5:7 en 8).
En niet alleen dit. Nee, er is nog veel meer. (Want) veel meer (nog) (..) zullen wij, nu wij gerechtvaardigd zijn door Zijn bloed, door Hem behouden worden van de toorn (Romeinen 5:9).
Wij, vijanden van God, zijn met God verzoend door de dood van Zijn Zoon. Maar Gods liefde is nog groter. Wij zijn niet alleen met God verzoend door de dood van Zijn Zoon, wij worden ook behouden (Grieks – sozo =, zalig gemaakt, gered) door Zijn leven. Wij worden behouden. De vloek is weggenomen:
Want als wij, toen wij vijanden waren, met God verzoend zijn door de dood van Zijn Zoon, hoeveel te meer zullen wij, nu wij verzoend zijn, behouden worden door Zijn leven (Romeinen 5:10).
Wat betekent dat? Met God verzoend door de dood van Zijn Zoon; dus de dood van Zijn Zoon heeft ons verzoend. Gered door Zijn leven. Dus Zijn leven behoudt en redt ons. Zijn leven maakt ons zalig.
Wat betekent dat?
Paulus zegt het in Romeinen 8 met andere woorden:
Wat zullen wij dan over deze dingen zeggen? Als God voor ons is, wie zal tegen ons zijn? Hoe zal Hij, Die zelfs Zijn eigen Zoon niet gespaard maar voor ons allen overgegeven heeft, ons ook met Hem niet alle dingen schenken? Wie zal beschuldigingen inbrengen tegen de uitverkorenen van God? God is het Die rechtvaardigt. Wie is het die verdoemt? Christus is het Die gestorven is, ja wat meer is, Die ook opgewekt is, Die ook aan de rechterhand van God is, Die ook voor ons pleit. Wie zal ons scheiden van de LIEFDE van Christus? (..) (Romeinen 8:31-35)?
God de Vader gaf God de Zoon als verzoening voor onze zonden. Hij is vóór ons. Wie of wat zal dan tegen ons zijn? Niets, niets en nog eens niets. Want behalve Zijn Zoon en via Zijn Zoon schenkt Hij ons ook alle andere dingen. Hoe? Omdat die Zoon aan de rechterhand voor ons pleit. Alleen een levende Zoon kan liefde geven. En zo behoudt Hij ons, zo redt Hij ons, zo maakt Hij ons zalig door Zijn leven. Opnieuw halleluja!
Verzoend door de dood van Zijn Zoon. Gered, zalig gemaakt, behouden door Diens leven. Want Hij zit altijd aan de rechterhand van de Vader, waar Hij voor ons pleit. En zo maakt Hij Zijn volk zalig van hun zonden (Matth. 1:21, een tikje uit zijn verband gehaald).
Hij maakt eenieder die in Hem gelooft en Zijn naam belijdt zalig van Zijn zonden, door voor hem te pleiten bij de Vader:
Als u met uw mond de Heere Jezus belijdt en met uw hart gelooft dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult u zalig worden. Want met het hart gelooft men tot gerechtigheid en met de mond belijdt men tot zaligheid (Romeinen 10:9 en 10).
Hij pleit voor hem bij de Vader. (Want) (..) allen die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven kinderen van God te worden, namelijk die in Zijn Naam geloven (Johannes 1:12), en omdat u in Hem gelooft en Zijn naam belijdt, bent u een kind. Nu, omdat u kinderen bent, heeft God de Geest van Zijn Zoon uitgezonden in uw harten, Die roept: Abba, Vader (Galaten 4:6)! En zo maakt Christus u zalig door Zijn leven. Zodra u in Hem gelooft en Zijn naam belijdt, pleit Hij voor u bij Zijn Vader en vraagt Hij om de Geest, de Geest die de Vader beloofd heeft: Hij dan, Die (leeft en) door de rechterhand van God verhoogd is en de belofte van de Heilige Geest ontvangen heeft van de Vader, heeft dit uitgestort wat u nu ziet en hoort (Handelingen 2:33). Hij vraagt aan Zijn Vader om de Heilige Geest en Hij stort die uit in uw hart. Hij doopt u in Zijn Geest en zo wordt u behouden door Zijn leven:
Als u Mij liefhebt (en in Mij gelooft), neem dan Mijn geboden in acht. En Ik zal de Vader bidden, en Hij zal u een andere Trooster (Grieks – parakletos = helper) geven, opdat Hij bij u blijft tot in eeuwigheid, namelijk de Geest van de waarheid, Die de wereld niet kan ontvangen, want zij ziet Hem niet en kent Hem niet, maar u kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn (Johannes 14:15-17).
Deze Geest, God de Heilige Geest, verlost van de leugens van de satan, dus van de zonden, en leidt u in alle waarheid:
Maar wanneer Die komt, de Geest van de waarheid, zal Hij u de weg wijzen in heel de waarheid, want Hij zal niet vanuit Zichzelf spreken, maar wat Hij gehoord zal hebben, zal Hij spreken, en de toekomstige dingen zal Hij u verkondigen (Johannes 16:13).
(En) u zult de waarheid kennen, en de waarheid zal u vrijmaken (Joh. 8:32).
Als dan de Zoon u vrijgemaakt heeft, zult u werkelijk vrij zijn (Joh. 8:36).
Hierin is de liefde, dit is liefde, dit is het wezenlijke van de liefde, dat de Zoon u met God heeft verzoend door Zijn dood en u van de leugen en dus van de zonde redt door Zijn leven. Hij maakt u vrij door Zijn Geest, Die Hij uitstort in uw hart en Die u in alle waarheid zal leiden en u zo zal aanvoeren en u het beloofde land zal binnenleiden. En zo is Christus de overste Leidsman en Voleinder van uw geloof, ja, van Zijn eigen geloof, dat Hij op deze wijze voleindt en afmaakt.
Vrij … verlost …. zalig …. gered.
Dit is liefde.
Voor de laatste maal halleluja.